Dr. Dorien Laenens (cardiologie) en dr. Annelien van der Veen (nefrologie) startten begin dit jaar hun gezamenlijke consultatie op.
“In de therapie met hartpatiënten zien we vaak nierinsufficiëntie ontstaan omdat onderliggende pathologie geregeld zowel hart als nieren aantast, of doordat de therapie bij hartfalen ook nierproblemen veroorzaakt. Er is vaak een nauwe wisselwerking tussen hart en nieren, het zogenaamde cardiorenaal dilemma. En die patiënten zijn niet zo gemakkelijk te managen”, duidt dr. Laenens.
“Patiënten met zowel hartfalen als nierinsufficiëntie moeten vaker naar het ziekenhuis komen - zowel naar de cardioloog als naar de nefroloog - dus hebben we besloten om die consultaties te combineren. Door dit aan te bieden, kunnen we de therapie voor beide problematieken beter en gerichter op elkaar afstemmen”, vult dr. van der Veen aan.
Beide dossiers worden door de artsen evenwaardig bekeken. Voorafgaand aan de raadpleging worden de patiënten gevraagd om een bloedafname te laten verrichten in het labo van het ziekenhuis. Nadien volgt eerst een cardiaal nazicht, onder begeleiding van de hartfalenverpleegkundige. Het hartfalendagboek wordt overlopen, de parameters gecontroleerd en er vinden een elektrocardiogram en echocardiografie plaats. Daarna volgt het nefrologische nazicht, wanneer de resultaten van de bloedafname bekend zijn. Alle resultaten worden samengelegd en dan wordt het verdere beleid onderling besproken. “We kijken immers wat er voor het hart optimaal zou zijn en voor de nieren haalbaar is”, klinkt het.
Welke patiënten komen in aanmerking?
“Het gaat om patiënten die te kampen hebben met hartfalen én met nierinsufficiëntie. Hartpatiënten die tijdens een opname plots met nierproblemen geconfronteerd worden, bijvoorbeeld. Of nierpatiënten met een nieuwe diagnose van hartfalen”, vertelt dr. van der Veen.
Ook voor huisartsen betekent deze samenwerking een kortere lijn naar een betere behandeling voor hun patiënt. “We snappen dat je als huisarts met de handen in het haar kan zitten: de cardioloog zegt het ene, de nefroloog focust op het andere. Daarom zijn deze gezamenlijke consultaties een pak efficiënter. Huisartsen met patiënten in ons traject hebben voortaan dan ook een duidelijker aanspreekpunt. Het blijft de bedoeling om samen te werken om de problematiek voor zowel patiënt als huisarts beter onder controle te kunnen houden”, geven beiden mee.
Rechtstreeks contact
“Huisartsen mogen ons dus altijd rechtstreeks contacteren. Is de patiënt in kwestie al in behandeling bij een cardioloog of nefroloog, dan stemmen we altijd onderling af. Vaak zijn mensen al jarenlang patiënt bij een behandelende arts-specialist, die band willen we uiteraard niet doorknippen.”
Met Liesbet Baccaert heeft het team een ervaren verpleegkundige hartfalen aan boord. Hierdoor ervaren de patiënten ook dezelfde deskundige begeleiding als tijdens een hartfalenconsultatie an sich. “Zo krijgen ze de follow-up die ze nodig hebben, en zelfs educatie als dat nog niet gebeurd zou zijn.”